Voer het wachtwoord in
Onjuist wachtwoord
Het eenmaal roepen spel
Het doel van dit spel is dat je hond leert om na één keer roepen snel naar je toe te komen. Je voorkomt hiermee dat je steeds opnieuw moet roepen voordat hij reageert.
Voor puppy’s werkt een hoge en vriendelijke stem vaak het beste. Het werkt vaak goed om in eerste instantie een opgewekt “púúúúúpy” te gebruiken. Dat klinkt vaak enthousiaster dan hun naam en roept sneller een reactie op. Als je merkt dat je pup meteen komt, kun je dat signaal geleidelijk vervangen door zijn eigen naam. Zo krijgt zijn naam een duidelijke betekenis: kom snel naar mij toe.
Daarnaast is het belangrijk dat je pup went aan het aanraken van zijn halsband of tuigje. Veel jonge honden vinden dat in het begin nog onprettig. Door dit aanraken te koppelen aan een voertje of een kort spel, zorg je ervoor dat dit juist een leuke ervaring wordt.
Op die manier voorkom je dat je pup gaat ontwijken wanneer je hem wilt vasthouden of aanlijnen. Een positieve ervaring opbouwen rond aanraking is een belangrijk onderdeel van de opvoeding.
Ga ontspannen op de grond zitten en houd je tasje met beloningen binnen handbereik. Gebruik iets wat je hond echt lekker vindt, of eventueel zijn gewone brokjes als die voldoende motiverend zijn.
Laat iemand anders je hond vasthouden, met de neus gericht naar jou. Op het moment dat je er klaar voor bent, roep je je hond met een opgewekte stem. Je hoeft hierbij geen commando te gebruiken. Je stemgebruik is voldoende.
Wanneer je hond wordt losgelaten en naar je toe komt, geef je hem bij aankomst een of twee beloningen met één hand. Met je andere hand raak je heel rustig de halsband of het tuigje aan, en houd je dit een kort moment vast. Zo leert je hond dat contact maken en aangeraakt worden iets positiefs is.
Deze stap lijkt op de vorige, maar er zijn een paar belangrijke verschillen. Je zit nu niet meer op de grond, en je roept je hond pas wanneer hij even niet op jou let. Wacht bijvoorbeeld tot hij ergens anders naar kijkt of iets aan het onderzoeken is.
Op het moment dat je hem roept en hij direct naar je toe komt, geef je een beloning uit je tasje met je ene hand. Tegelijk pak je rustig de halsband of het tuigje vast met je andere hand. Doe dit op een kalme manier.
Daarna laat je hem weer los en zeg je bijvoorbeeld “klaar” om het moment af te ronden. Neem een neutrale houding aan of draai je weg en ga je verder met andere dingen. Je hond krijgt zo ruimte om iets anders te gaan doen.
Zodra hij weer ergens anders mee bezig is, herhaal je de oefening. Roep je hond in totaal niet vaker dan tien keer per sessie. Zo houd je het leuk en voorkom je dat hij zijn interesse verliest of de oefening zelf beëindigt.